thomas
Ik probeer een bladenmaker te zijn, Guillaume. Zo weinig mogelijk een bladenverkoper. Maar bedoel je dat wie bouwt aan een heldenmerk zijn ogen moet sluiten voor de meetbare populariteit ervan?
Thomas Siffer is hoofdredacteur Story
“Kan het dat ik alle vakjes volgens je boek juist invul en toch geen heldenmerk word, of dat ik toch heldenmerk ben maar looser-cijfers haal?”
Eerste deel van je vraag: Nee, Thomas, dat kan niet.
Als je een uitzonderlijke prestatie levert en ze kadert in een goed verhaal dat groter is dan je eigen belang en je zorgt voor een naam en een uitstraling die daar bij kloppen, dan kan er niks mis gaan.
Wat wel kan is dat je het belang van je prestatie wat overschat, of dat je grotere verhaal niks meer te maken heeft met je oorspronkelijke opdracht. Er kan enorm veel mis gaan, het is tenslotte geen hersenchirurgie.
Tweede deel van je vraag, dat is een ander pak mouwen.
Je mag het boek niet zien als een waterdichte handleiding die je gegarandeerd tot succes brengt. Dat kan ook niet. Er is nog altijd zoiets als concurrentie. Anderen hebben ook zin in succes. (En die kunnen het boek ook kopen).
Zakelijk succes wordt beïnvloed door een hele boel andere factoren zoals toeval, geluk en tijdsgeest, om nog maar te zwijgen van de valse trucjes van de tegenpartij.
Zo heeft Preston Tucker maar 49 wagens kunnen bouwen. De big boys in Detroit hebben alle macht in Washington gebruikt en misbruikt om zijn initiatief te kelderen. De reden was eenvoudig: Tucker had een veilige auto bedacht. (met veiligheidsgordels o.a.). Dat vonden de grote jongens slecht voor het imago van de automobielindustrie. Je mocht in die tijd niet zeggen van een auto dat hij gevaarlijk was.
Of je zal maar een hammenfabriek hebben opgestart vlak voor de dioxinecrisis.
Het boek kan en wil geen zakelijk succes garanderen. Je kan om zoveel redenen falen.
Wat het boek wel wil doen is alvast één reden tot falen uitsluiten: dat niemand weet wie je bent en wat je doet. En ook een beetje de zenuwachtigheid weghalen van die financiële resultaten. In het boek staat een mooie quote van wijlen Anita Roddick, oprichtster van The Body Shop over winst maken:
“Het is heel natuurlijk, net als ademhalen. Maar als je er teveel op focust ga je hyperventileren.”
Kijk jij trouwens als hoofdredacteur naar de verkoopcijfers van Story?
Ik probeer een bladenmaker te zijn, Guillaume. Zo weinig mogelijk een bladenverkoper. Maar bedoel je dat wie bouwt aan een heldenmerk zijn ogen moet sluiten voor de meetbare populariteit ervan?
Keek Wiel elke week naar de verkoopscijfers van Flair ?
Mijn gedacht.
Wat is meetbare populariteit?
Ik kan me inbeelden dat het voor sommige merken wat langer duurt om een heldenmerk te worden dan voor anderen. Gewoon omdat je in een segment zit dat initieel van veel verder moet komen. Of omdat je sowieso meer een niche aanspreekt, waardoor je veel trager door de mainstream wordt opgepikt. Er is trouwens een verschil tussen een hype (gaat snel, hevig, duurt kortstondig) en een heldenmerk (is iets dat blijvend is en dieper geworteld zit, maar spijtig genoeg soms ook minder zichtbaar is).
Zijn hoge verkoopcijfers indicatoren van een heldenmerk? Of is het het feit dat je een deel mensen écht kan bewegen door met je merk iets te doen?
Flair, Red Bull en Innocent zitten in die tweede categorie. Zijn dat heldenmerken?
Elk merk is een beetje held voor de mensen die er trouw aan zijn. Kunst is van de krachtlijnen van die trouw juist in te schatten en te zorgen dat de mensen die voor je kiezen daar trots op kunnen zijn. Geef hen de middelen om met die trots uit te pakken. Maw: Zorg dat je er aantrekkelijk en herkenbaar uitziet, dat je hen een goed verhaal geeft, dat je een naam hebt die erbij past en dat je de juiste woorden vindt. Game, Name, Fame, Claim, deel 2.
@ Luc
Onze vriend Wiel was natuurlijk slim genoeg om te doen alsof hij niet naar de cijfers keek, maar stiekem deed hij het wel. Zo erg als Pieken Paultje was hij niet, maar toch. Hij kénde de grafieken. Anderzijds: het enige marktonderzoek waar hij echt belang aan hechtte deed hij letterlijk op de markt. En als hij de status van zijn heldenmerk Flair wilde kennen, dook hij gewoon het café in en vroeg hij aan de dienster hoe het met zijn blad gesteld was.