Beste Guillaume,
(Even van Milo naar Sportelen…)
Jouw vraag was misschien niet aan mij gericht over dat “sportelen” van Bloso, maar mag ik hier toch even mijn ei over kwijt?
Ik vrees dat die naam - los van het zeer nobele initiatief om de vele Belgenbuiken van 50(+) die doorgaans elke avond in hun knusse zetel samen met kilo’s chips en liters cola wegzakken achter hun TVTM’s (is geen tikfout ik noem het in deze context consequent zo) eindelijk terug zo ver te krijgen om eens iets te doen aan hun gezondheid door wat te gaan sporten (en niet sportelen) - nu juist het levende bewijs is op de (naar mijn mening) zeer terechte opmerking van Ann Gies. Het bewijs dat het soms erg gesteld is met de creatieve geesten van dit land (ik wil echt geen veralgemening noch stenen gooien naar het bureau of bedenker van die campagne) om in de smaak te vallen bij hun doelgroep om er iets van gedaan te krijgen.
Je schrijft ergens in je boek over de suikertante die zich buigt over de nieuwe baby des families en er iets tegen zegt in een killikilibolliewollie-taal met het doel zich verstaanbaar te maken terwijl die baby het net wel even anders ziet.
Welnu, de Sportelen-campagne slaat de nagel op de kop van jouw voorbeeld. Moest ik een doelgroep-slachtoffer zijn voor de Sportelen-campagne (ik mag nog 7 jaar wachten), ik zou me net als die baby gaan voelen en lekker verder doen met chips en cola te eten. Erger nog, ik zou me belachelijk gaan vinden als ik bij toeval wel zou gaan sporten want ik zou beginnen vrezen het (campagne)etiket opgekleefd te krijgen door mijn omgeving.
Verder vind ik die naam en de presentatie ervan zondigen tegen een heel belangrijk element uit je NFGC-principe, met name de presentatie. Als je de naam ziet staan heb je de neiging die verkeerd uit te spreken (sportéélen). De grafische uitvoering zet dit overigens nog in de verf door dat deel van de naam in een andere kleur te zetten.
Het feit dat (naast een hele resem aan reacties in de media én bij de doelgroep zelf) ik nu reeds zelf 15 minuten aan het tokkelen ben op mijn klavier om mijn ei te leggen wil wel zeggen dat die campagne de nodige aandacht heeft losgeweekt. De naam blijft misschien wel even hangen door de commotie er rond, maar op de verkeerde manier. Maar dat is een paradox en die zijn meestal goed in de communicatiesector.
En nu ik dan toch bezig ben wil ik nog even kwijt beste Guillaume, dat je boek (of toch dat wat je er in schrijft) zeer aanstekelijk werkt en dat het aanzet om nog wat meer inhoud en creativiteit aan de dag te leggen in ons vak. Ik heb de ijdele hoop dat vooral de adverteerders de weg naar je boek gaan vinden want het zijn vooral zij die van je zienswijze overtuigd moeten worden.
Zo, ik ga doe nu voort want ik ga straks een rondje lopen 